Jongbloed, de boekhandel voor juridisch Nederland

Lexplicatie 4.2c; Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen

Auteurs: Groot

Jongbloed prijs: € 49,50
Leverbaar Dit boek is leverbaar en op voorraad

Boek | Ingenaaid | 372 bladzijden | Nederlands
Kluwer | 2e editie | Verschenen in 2011
ISBN-13: 9789013097634 | ISBN-10: 9013097634 | PDF Inhoudsopgave



Samenvatting

De Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen wordt wel een catalogus van rechten en plichten van jeugdige gedetineerden genoemd. Deze wet bevat de regelgeving op het gebied van de tenuitvoerlegging van vrijheidsstraffen en vrijheidsbenemende maatregelen in de justitiële jeugdinrichtingen.

Dit Lexplicatiedeel behandelt de Beginselenwet en de bijbehorende lagere regelgeving.

Het geheel vormt een uitgebreid en handzaam overzicht van de regels die de detentie van jeugdigen in Nederland beheersen.

Serie


Rubriek / NUR

Straf- & strafprocesrecht

Trefwoorden

Er zijn (nog) geen trefwoorden opgenomen voor dit boek

Literatuurlijsten


Wettenbundels

In deze titel zijn een aantal wetten opgenomen waaronder:

  • Aanwijzing effectieve afdoening strafzaken jeugdigen
  • Aanwijzing executie-indicator en formulier risicoprofiel
  • Aanwijzing lichten van gedetineerden, TBS-gestelden en jeugdigen
  • Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen
  • Besluit extramurale vrijheidsbeneming en sociale zekerheid
  • Toon alle wetten die in deze bundel staan.

Recente uitspraken bij deze wetten:
Datum LJN Samenvatting
30-08-2011 BR6663 Uitgaande van hetgeen de minister ter zitting heeft betoogd, dient ervan te worden uitgegaan dat, anders dan in paragraaf A6/1.5, onder c, van de Vc 2000 is vermeld, ingevolge artikel 16a, tweede lid, van de Bjj, zoals dat luidde ten tijde van belang, de maximale termijn gedurende welke de vreemdeling in een politiecel mocht verblijven voor de tenuitvoerlegging van een vrijheidsbenemende maatregel, drie dagen bedraagt. (?)
19-04-2011 BQ2721 Hoewel een minderjarige alleenstaande asielzoeker per definitie kwetsbaar is, bestaat geen grond voor het oordeel dat de in AC Schiphol bestaande detentieomstandigheden van dien aard zijn dat deze asielzoeker ook niet gedurende enige tijd op die locatie kan worden geplaatst ter indiening en behandeling van zijn asielaanvraag. Daarbij geldt wel dat, gezien hun kwetsbare positie, het verblijf van minderjarige alleenstaande asielzoekers in een penitentiaire omgeving, niet gescheiden van volwassenen en zonder faciliteiten of activiteiten gericht op hun leeftijd, in duur beperkt dient te zijn. Uitgaande van de eisen die in artikel 2, eerste lid, en artikel 9 van de Bjj zijn gesteld en het door de minister gevoerde beleid, vermeld in paragraaf A6/1.5, onder c, van de Vc 2000, kan de tenuitvoerlegging van de bewaring in een dergelijke omgeving gedurende in totaal ten hoogste vier dagen in beginsel toelaatbaar worden geacht.
02-04-2008 BC9104 Vreemdelingenbewaring / vreemdelingen van zestien tot achttien jaar / termijn plaatsing in jeugdinrichting
06-11-2007 BB7267 Intrekking en terugvordering bijstandsuitkering. Detentieperiode. Electronisch huisarrest.
18-09-2007 BA3610 Gebruik als (aanvullend) bewijs van een in het adviesrapport van de reclassering neergelegde verklaring van verdachte. Het uitbrengen van het adviesrapport, welk rapport kennelijk op de voet van art. 10 Reclasseringsregeling 1995 is opgemaakt in het kader van de zogenaamde ?vroeghulp? en een rapport is a.b.i. art. 62.4 Sv behoort tot de reclasseringswerkzaamheden a.b.i. art. 8.1.b Reclasseringsregeling 1995, kort gezegd: het doen van onderzoek naar en het geven van voorlichting over de verdachte. Daarbij gaat het om een kort verslag van door de reclasseringswerker a.d.h.v. in een gesprek met de in verzekering gestelde verdachte verkregen informatie, in het bijzonder met het oog op beslissingen over de voorlopige hechtenis. Een zodanig rapport strekt tot het geven van voorlichting over de persoon, de persoonlijkheid en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Mede tegen de achtergrond van de hulpverleningsrelatie waarin de reclasseringsambtenaar tot verdachte staat, mag de verklaring van verdachte in een dergelijk adviesrapport niet worden gebruikt voor het bewijs van het tenlastegelegde.